Beloningsbeleid

Verantwoord beloningsbeleid Klap b.v.

De Autoriteit Financiële Markten AFM en De Nederlandsche Bank DNB hebben richtlijnen opgesteld voor een beheerst beloningsbeleid voor medewerkers van financiële instellingen. Deze richtlijnen gelden onder andere voor medewerkers, managers en directeuren van banken, verzekeraars en assurantiekantoren. Deze richtlijnen zijn per 1 januari 2011 opgenomen in de Wet financieel toezicht (Wft). Dit heeft tot gevolg dat het interne beloningssysteem binnen bedrijven onder toezicht valt van de AFM. Hiermee willen de AFM en DNB de volgende doelen nastreven:

  • Zorgen voor integere bedrijven in de financiële dienstverlening. Dit zijn bedrijven die niet te risicovolle producten willen verkopen aan hun relaties.
  • Zorgen voor solide bedrijven in de financiële dienstverlening, die niet sneller willen groeien dan zij aankunnen.
  • Zorgen voor bedrijven die een zorgvuldige behandeling en het belang van de relatie voorop stellen.

Het doel van de nieuwe richtlijnen is dat onder andere assurantiekantoren ervoor moeten zorgen en kunnen aantonen dat zij hun medewerkers aansturen op integer, solide en klantgericht handelen. En dat de beloning – in welke vorm dan ook – integer, solide en klantgericht handelen niet in de weg mag staan.

Klap b.v. heeft zich volledig aan deze richtlijnen geconformeerd. Om ervoor te zorgen dat medewerkers van Klap integer, solide en klantgericht handelen, werkt Klap met een beloningsbeleid dat uitsluitend bestaat uit componenten die ten goede komen aan het klantbelang. Naast het vaste salaris kunnen medewerkers een variabele beloning ontvangen die maximaal 20% van het vaste salaris uitmaakt. Wij beoordelen en sturen onze medewerkers op integer en klantgericht handelen. Deze beoordeling bepaalt de hoogte van de beloning.

Belangtransparantie
De gevolmachtigde agent zal met de bemiddelaar overeenkomen dat op de website van de bemiddelaar op een logische plaats is vermeld met welke gevolmachtigde agent hij is verbonden. De bemiddelaar vermeldt daarbij voorts welke consequentie dit heeft voor het soort advies dat de klant kan verwachten: ongebonden objectieve bemiddeling, ongebonden selectieve bemiddeling, of gebonden bemiddeling. Bij een keuze voor ongebonden selectief of gebonden bemiddeling licht de bemiddelaar toe op welke wijze het belang van de klant daarmee wordt gediend. In alle gevallen wordt de klant specifiek gewezen op de aanwezigheid van een eigen volmachtbedrijf en de invloed die dat op de bemiddeling heeft.